Webmagazine
Master Journalistiek VUB
2014-2015

EXPO: (im)Possible Road werpt unieke blik op de toekomst

(im)Possible Road tart de verbeelding van bezoekers op verschillende locaties in Gent en daagt hen uit na te denken over het (on)mogelijke.

Eerste geslaagde penistransplantatie geen revolutionaire gebeurtenis

Ethici en urologen hebben bedenkingen bij de eerste 'geslaagde' penistransplantatie.

Column: Auto met een strikje rond

‘Gestolen voertuig?’ Deze twee woorden waren genoeg. Ze deden de grond wegzakken onder mijn voeten. Voelden als een klap in mijn gezicht en een stomp in mijn maag, en dat allemaal tegelijk.

Regenbogen domineren de voetbalvelden

‘Studies hebben uitgewezen dat er in het voetbal nog steeds een taboe heerst over homoseksualiteit.’ Maar is het wel belangrijk dat de allerjongsten dit taboe al proberen te doorbreken?

Eengemaakte digitale markt binnen Europa stap dichterbij

De Europese Commissie maakte er bij haar aantreden een prioriteit van om nog binnen deze ambtstermijn een eengemaakte digitale markt te realiseren. Vorige woensdag maakte ze bekend welke terreinen ze wil aanpakken, in de aanloop naar verdere besprekingen in mei.

'De sp.a heeft te lang het centrum willen behagen.'

'De verkiezingscampagne domineert nu al anderhalve maand de media. Het is stilaan wel geweest.' Een gesprek met John Crombez over de (on)zekerheid van zijn kandidatuur, de angst van de samenleving, en de authenticiteit van zijn partij.

Breaking News

Posts tonen met het label Laura Ritter. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Laura Ritter. Alle posts tonen

donderdag 26 maart 2015

Geen Tinder maar Tora op zaterdagavond

Joods Museum Night Fever

‘Wat moet dat daar?’ Een agent gehuld in blauw uniform, duikt uit het niets op. Een paar tellen later is ook een militair in camouflagepak gearriveerd. ‘Je mag hier geen foto’s maken’, zegt de militair pissig, terwijl zijn volautomatische wapen voor zijn torso bungelt. ‘Nu verwijderen’, blaft de agent. Na de delete-toets te hebben ingedrukt, pakt de agent mijn telefoon om te kijken of alles echt weg is. Een zuinig knikje volgt. Het is 7 maart, Museum Night Fever in Brussel, en de zes mannen die het Joods Museum bewaken zijn not amused.

Een uur eerder vulde een ontspannen sfeer de eerste verdieping van het museum. Patrick beeldt uit hoe het Hebreeuws gelezen moet worden. Van rechts naar links en van achter naar voor. Zijn blonde krullen bewegen woest heen en weer en lachrimpels verschijnen. Door Patricks amusante optreden heeft hij de lachers op zijn hand. Emily (7) staat vooraan. Ze giechelt en drukt ondertussen met haar rechterarm een ijsbeerknuffel stevig tegen zich aan. Het meisje kijkt bedenkelijk als niet de komiek, maar Vicky (23) haar te woord staat. Zij is stagiaire bij Passe Muraille, een organisatie die mensen met een handicap actief in de maatschappij wil betrekken. Vicky knielt en legt uit: ‘Patrick is doof, daarom babbel ik met de bezoekers. Vind je dat goed?’ 

Een etage lager is er geen ruimte voor een lolletje. De rij voor de ingang wordt steeds langer. Iedereen moet door een metaalpoortje en tassen worden uitvoerig gecheckt. Telefoons worden zelfs uit beschermhoesjes gehaald. ‘Gewoon voor de veiligheid’, bromt een bewaker in zwart pak terwijl hij in een tas graait. ‘Aan beveiliging geen gebrek’, zegt Katriene met een grote glimlach tegen de bezoekers, als zij eindelijk bij de garderobe aankomen. Het blonde meisje volgt de lerarenopleiding geschiedenis en is vrijwilliger bij de Museum Night Fever. Ook Yuan (24) werkt als vrijwilliger. De Chinese uitwisselingsstudent moest bij binnenkomst even fronsen. ‘Laatst was ik bij het Joods Historisch Museum in Amsterdam, daar kon ik zo binnenlopen.’ Yuan verstart als ze hoort dat in het Brusselse museum vorig jaar een aanslag was, waarbij vier doden vielen.

Wat hier verteld wordt, is nieuw
Eenmaal binnen kunnen gasten hun ogen uitkijken. Het museum heeft een uitgebreide collectie over de traditionele joodse levenswijze. Bezoekers verplaatsen zich door de smalle kamers, verspreid over drie verdiepingen. Een vrouw komt op adem, zittend op een traptree en met een glas rode wijn in haar hand. De meeste mensen zijn gehaast en kroelen als mieren door de verschillende ruimtes. Waarschijnlijk omdat met het rode polsbandje van de Museum Night Fever om, nog 22 andere musea op hen wachten. 

‘Ik heb nu
wel enigszins
begrip voor dat
strenge beleid.’
Drie meisjes vallen op. Hun blik rust al enkele minuten op dezelfde vitrine. Elnaz (19) en haar vriendinnen verroeren nauwelijks. ‘Onze voorouders komen uit het Midden-Oosten. Mijn ouders uit Iran. Voor dit bezoek dacht ik wel iets over Joden te weten, maar dat valt tegen’, vertelt Elnaz ietwat ongemakkelijk, van haar ene op haar andere voet wippend. ‘Over de Tweede Wereldoorlog hebben we op school geleerd. In de media lezen en zien we over Israël. Maar wat hier verteld wordt is nieuw’, vervolgt ze. Haar vriendin Indy (20) vult aan: ‘Dit is voor ons de enige manier om over joden te leren, Israël mogen we denk ik niet in. Al heb ik nu wel enigszins begrip voor dat strenge beleid.’ Hun volgende stop tijdens de museumnacht? Het derde meisje laat de Tinder-applicatie op haar telefoon even voor wat ze is en antwoordt: ‘Dansen. Het is natuurlijk wel zaterdagavond.’

Het Joods Museum van België (Minimenstraat 21, 1000 Brussel) is dinsdag tot en met zondag te bezoeken tussen 10:00 uur en 17:00 uur.

vrijdag 27 februari 2015

Boko Haram: meer dan religie

Een beeld uit een video verspreid door Boko Haram.


#BringBackOurGirls, 2000 doden in de Nigeriaanse stad Baga en ‘de westerse opvoeding is een zonde’, doen waarschijnlijk een belletje rinkelen: Boko Haram. Als beweegreden van deze Noord-Nigeriaanse groepering noemen journalisten steevast ‘het willen invoeren van de sharia, de islamitische wetgeving’. Andere motieven komen nauwelijks aan bod, terwijl deze juist cruciaal zijn. Voor wie de huidige conflicten in Nigeria wil begrijpen, is het lezen van onderstaande drijfveren essentieel.

Jama'atu Ahlis Sunna Lidda'awati wal-Jihad, oftewel ‘zij die zijn toegewijd aan de verspreiding van de leer van de profeet en de jihad’, is de officiële benaming voor Boko Haram. Deze groep richt zich op scheidslijnen in Nigeria: de kloof tussen noord en zuid, rijk en arm, en zoals hun naam voorspelt, moslims en niet-moslims.

Kloof I: noord-zuid
In 1900 voegde Groot-Brittannië een aantal autonome Afrikaanse staten samen. Hieruit ontstond Nigeria. Ondanks de opgelegde territoriale eenheid handhaafden de Britse kolonisators verschillende wetten in het noorden en zuiden van Nigeria. De inwoners van deze twee gebieden reageerden dan ook uiteenlopend.

De noorderlingen wantrouwden enerzijds de nieuwe regeerders die Nigeriaans land, culturen en gebruiken konden ondermijnen en anderzijds de lokale elite die het Britse gezag toestond. Nigerianen uit de zuidelijke regio’s reageerden positief doordat de Britse overheersers infrastructuur en scholen opzetten. De docenten volgden een westers onderwijsmodel. Het merendeel van de zuidelijke bevolking bekeerde zich tot het christendom, de Britse staatsgodsdienst. Groot-Brittannië regeerde tot 1960 in het gehele gebied, al kwam hun beleid in het noorden nauwelijks van de grond. De achterstand die deze regio hierdoor opliep is 115 jaar later nog altijd zichtbaar.

Het huidige Nigeria is opgedeeld in 36 staten met relatieve autonomie. Het centrale gezag is afwisselend in handen van een moslim uit het noorden en een christen uit het zuiden. In 2011 was het noorden aan de beurt, vier jaar lang zou iemand uit hun midden het land regeren. Toch voerde Goodluck Jonathan, een christen uit het zuiden, campagne en kwam vervolgens als winnaar uit de bus.

Of de verkiezingen eerlijk zijn verlopen is
discutabel. Wel is het glashelder dat een noorderling president had moeten worden volgens het, tot dan toe, gerespecteerde Nigeriaanse voorschrift. Jonathan lapte deze regel echter aan zijn laars en dat leidde tot woede en uitbarstingen van geweld onder de bevolking. 'De verhoudingen tussen noord en zuid staan sindsdien weer op scherp', verklaart John Campbell, onderzoeker bij de Council on Foreign Relations.

Kloof II: arm-rijk
In 2013 heeft de Nigeriaanse regering het bruto binnenlands product (BBP) berekend. Dit cijfer geeft de totale waarde weer van alle diensten en goederen die in een land geproduceerd zijn. Nigeria is opgeklommen naar de 26e plaats in de wereld en heeft de grootste economie van Afrika. Het BBP van ruim €370 miljard is een verdubbeling ten opzichte van 1990, het jaar van de laatste berekening.

Toch maakt dit voor de bevolking weinig verschil. 'De ongelijkheid neemt alleen maar toe', sprak Minister van Financiën Ngozi-Okonjo Iwaela na de bekendmaking. Deze ongelijkheid heeft te maken met de oneerlijke verdeling van bronnen. Corruptie is een groot probleem in Nigeria, blijkt uit analyse van Transparency International. Elk jaar onderzoekt deze organisatie de mate van corruptie in 175 landen. In 2014 behaalde Nigeria de 136e plaats, slechts 39 landen scoorden slechter. Ter vergelijking: België eindigde als vijftiende.

In 2010 is voor het laatst een onderzoek naar armoede uitgevoerd in Nigeria. Hoewel er vraagtekens gezet kunnen worden bij de precieze methode, is een stijging zichtbaar. In 2004 leefde 54.7% van de bevolking in absolute armoede, in 2010 was dit 60.9% van de 178.5 miljoen Nigerianen. In de noordelijke provincies komt armoede vaker voor dan in het zuiden.

Het noorden heeft naast een hoger armoedepercentage ook een grotere groep ongeschoolden dan het zuiden. Voor de Britse overheersing gingen veel kinderen uit het noorden naar koranscholen, genaamd Almajiri. Naast islamitisch onderwijs kregen kinderen hier voedsel en onderdak. Ouders met ontoereikende middelen om hun kinderen op te voeden stuurden hun kroost naar deze stedelijke scholen. Toen Nigeria in 1960 onafhankelijk werd richtte zij het onderwijssysteem in naar westers voorbeeld. Koranscholen kregen geen steun en kunnen sindsdien weinig kinderen opvangen.

De vraag naar deze scholen is echter groot. Om hoeveel ‘Almajiri’ kinderen het gaat is onduidelijk omdat de laatste officiële telling van 2006 dateert. De kinderrechtenorganisatie Unicef telde toen alleen al in de provincie Kano 1.5 miljoen Almajiri. Om in levensbehoeften te voorzien sluit een deel van deze jongeren zich aan bij groepen als Boko Haram, waar zij voedsel en loon krijgen.

De kloof tussen arm en rijk veroorzaakt ongenoegen onder de bevolking. Vanaf de komst van de Britten in 1900 zijn er in het noorden regelmatig opstanden. De drijfveren hierachter zijn gebrek aan economische ontwikkeling en de aanwezigheid van corruptie. In 2002 startte Mohammed Yusuf een groep voor ontevreden burgers genaamd Boko Haram. De eerste zeven jaar opereerde de groep hoofdzakelijk vreedzaam.

In 2009 liep een betoging in de noordelijke provincie Bauchi echter uit de hand. De betogers richtten zich tegen het verplicht dragen van een motorhelm. Het leger trad hard op: achthonderd mensen werden gedood, waaronder de oprichter van Boko Haram. Zijn executie was live op televisie te volgen, tot grote woede van Boko Haram leden.

Kloof III: moslims- niet-moslims
In 2009 is voor het laatst onderzoek gedaan naar religieuze voorkeuren van Nigerianen. Volgens die resultaten is 50.4% van de bevolking moslim, de overige 49.6% christen. In werkelijkheid is deze tweedeling minder evident: Nigeria telt ongeveer vierhonderd etnische groepen met elk hun eigen taal en gebruiken.

‘Moslims in Nigeria
voelen zich
al decennialang
tweederangsburgers.’
Toch wordt in verslaggeving vooral over moslims en christenen gesproken, waarbij een aantal moslims, de leden van Boko Haram, de sharia willen invoeren. Deze uitleg is simplistisch. Zo spreekt de Nigeriaanse schrijver Atane Ofiaja een heilige oorlog tegen doordat 'ook moslims slachtoffer zijn van het geweld en hun leefgebied moeten ontvluchten'. Ook Hussaini Abdu, werkzaam bij ActionAid Nigeria, ziet de kern van het probleem niet als religieus. 'Sociaaleconomische concurrentie voert de boventoon, zoals de toegang tot grondstoffen in het olierijke land', aldus Abdu.

Tot slot 'voelen moslims zich in Nigeria al decennialang tweederangsburgers', zegt journalist Ahmad Salkida. Deze Nigeriaanse verslaggever volgt Boko Haram sinds 2006 op de voet en heeft de kopstukken van deze groep meerdere malen geïnterviewd. 'De moslims wonen vooral in het noorden, waar meer armoede en werkeloosheid heerst en waar minder voorzieningen zijn dan in het zuiden', vervolgt Salkida. In 2011 waren de noorderlingen hoopvol. Een politicus uit hun midden zou de problematiek gedurende vier jaar gaan aanpakken. Deze verwachting werd met de grond gelijk gemaakt toen Goodluck Jonathan op dubieuze wijze president werd.

Door de problemen in de noordelijke regio’s staat de bevolking open voor een nieuw systeem. Boko Haram heeft een alternatief voor ogen en probeert dit met harde hand af te dwingen. De beweegredenen hierachter zijn echter complexer dan in de meeste berichtgeving naar voren komen.

n.v.d.r. Dit artikel is geen alomvattend antwoord op de vraag wat Boko Haram beweegt, maar is bedoeld om berichtgeving over deze Nigeriaanse groep enigszins te kunnen plaatsen.