Webmagazine
Master Journalistiek VUB
2014-2015

EXPO: (im)Possible Road werpt unieke blik op de toekomst

(im)Possible Road tart de verbeelding van bezoekers op verschillende locaties in Gent en daagt hen uit na te denken over het (on)mogelijke.

Eerste geslaagde penistransplantatie geen revolutionaire gebeurtenis

Ethici en urologen hebben bedenkingen bij de eerste 'geslaagde' penistransplantatie.

Column: Auto met een strikje rond

‘Gestolen voertuig?’ Deze twee woorden waren genoeg. Ze deden de grond wegzakken onder mijn voeten. Voelden als een klap in mijn gezicht en een stomp in mijn maag, en dat allemaal tegelijk.

Regenbogen domineren de voetbalvelden

‘Studies hebben uitgewezen dat er in het voetbal nog steeds een taboe heerst over homoseksualiteit.’ Maar is het wel belangrijk dat de allerjongsten dit taboe al proberen te doorbreken?

Eengemaakte digitale markt binnen Europa stap dichterbij

De Europese Commissie maakte er bij haar aantreden een prioriteit van om nog binnen deze ambtstermijn een eengemaakte digitale markt te realiseren. Vorige woensdag maakte ze bekend welke terreinen ze wil aanpakken, in de aanloop naar verdere besprekingen in mei.

'De sp.a heeft te lang het centrum willen behagen.'

'De verkiezingscampagne domineert nu al anderhalve maand de media. Het is stilaan wel geweest.' Een gesprek met John Crombez over de (on)zekerheid van zijn kandidatuur, de angst van de samenleving, en de authenticiteit van zijn partij.

Breaking News

Posts tonen met het label Ewoud Ceulemans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ewoud Ceulemans. Alle posts tonen

zaterdag 28 maart 2015

Zelfzekere Rode Duivels vernederen Cyprus

Voor een uitverkocht Koning Boudewijnstadion deden de Rode Duivels wat ze moesten doen. Tegen een zwak Cyprus won de nationale ploeg met overtuigende 5-0 cijfers. Met goals van Fellaini en Benteke leek de wedstrijd al na één helft gespeeld, maar weer Fellaini, Hazard en Batshuayi dikten de score na de rust nog aan tot forfaitcijfers. Het team van Marc Wilmots kan zo met vertrouwen uitkijken naar de belangrijke wedstrijd in Israël van aankomende dinsdag. 

Hazard in vorm
Nog voor de aftrap van België-Cyprus had grote concurrent Wales een goede zaak gedaan door met 0-3 te gaan winnen in Israël en zich zo van de leiding in groep B verzekerd. De Rode Duivels moesten zo nog meer voor de drie punten gaan, wilden ze de koploper niet uit het oog verliezen. Winnen was hoe dan ook een absolute must; de Cyprioten staan meer dan tachtig plaatsen lager op de FIFA-ranking, en door een groot aantal blessures kon coach Charalampos Christodoukou niet zijn sterkste team de grasmat op sturen.

De Belgische bondscoach Marc Wilmots liet niet in zijn kaarten kijken en maakte zijn opstelling pas kort voor de wedstrijd bekend. Toch waren er geen verrassingen in de basiself: Lombaerts startte naast Kompany centraal in de verdediging, Nainggolan vatte met Fellaini en Witsel post in de driehoek op het middenveld. Vooraan liep zoals te verwachten Aston Villa-spits Christian Benteke. De grootste vraag was echter hoe het samenspel tussen Kevin De Bruyne en Eden Hazard zou uitpakken. Beide spelers namen elk een flank voor hun rekening, opdat ze elkaar niet in het centrum voor de voeten zouden lopen.

De twee goudhaantjes van de nationale ploeg waren vastbesloten om te tonen dat ze elkaar in hun spel konden vinden, of ze nu op hun flank bleven of occasioneel naar binnen kropen. In de twaalfde minuut bracht Hazard De Bruyne alleen voor doelman Kissas, die het schot met een beenveeg keerde.

De stugge Cypriotische verdediging had het moeilijk met de beweeglijkheid van de Belgische aanval. Halverwege de eerste helft wisselden Hazard en De Bruyne feilloos van flank. De meeste dreiging ontstond echter na snelle acties door het centrum. Na twintig minuten profiteerde Fellaini zo van geharrewar binnen de Cypriotische backlijn en schoof hij de 1-0 binnen.

Het doelpunt kwam niet uit de lucht gevallen. De Rode Duivels hadden een zwak Cyprus vanaf minuut één op de eigen helft teruggedrukt. Kopbalkansen voor Witsel en Fellaini misten echte dreiging, maar toonden wel de aanvalslust van de Belgen. Ook Hazard stak de neus aan het venster na een typische actie op links. Een tweede doelpunt kon niet uitblijven, en het was weeral de Chelsea-vedette die voor gevaar zorgde. Na een één-twee met Fellaini besloot de kleine dribbelaar nog op de Cyprotische doelman, maar vijf minuten later schilderde hij vanop rechts de bal op het hoofd van Benteke, die onhoudbaar binnenkopte.

Batshuayi scoort bij debuut
Pas in de meer gezapige tweede helft kon Cyprus daar iets tegenover zetten, maar de kopbal van centrumspits Soridou zeilde naast het doel van een werkloze Courtois. Het was veelzeggend voor het verdere verloop van de wedstrijd: de Rode Duivels lieten de bal aan hun tegenstrevers, die er te weinig mee konden aanvangen om echt gevaar te creëren. Het waren integendeel de Rode Duivels die voor het meeste spektakel zorgden. Het was opnieuw Fellaini die met een knap doelpunt de netten deed trillen. Hij zag zijn afstandsschot in de linkerbovenhoek verdwijnen.

Nauwelijks een minuut later werd het Belgische overwicht pijnlijk duidelijk, toen Eden Hazard – weer hij – op zijn dooie gemakje de Cyprusverdiging uitkapte en via de paal afwerkte. Een mooie beloning voor zijn erg sterke prestatie. Het applaus bij zijn vervanging door Dries Mertens was dan ook oorverdovend. Ook Fellaini kreeg een applausvervanging: zijn wissel betekende meteen ook dat debutant Yannick Ferreira-Carrasco zijn eerste speelminuten in een Rode Duivels-shirt kreeg. Met Michi Batshuayi kwam niet veel later nog een tweede debutant op het veld. De spits bedankte voor de kans door de score met een lage schuiver nog tot 5-0 aan te dikken.

Met vertrouwen naar Israël
De Rode Duivels deden zo wat van hen verwacht werd. Het blijft natuurlijk de vraag of het plannetje van Wilmots ook werkt tegen een sterkere tegenstander. De opstelling met zowel Hazard als De Bruyne op de flank, klopte alleszins als een bus, en het team speelde met vertrouwen. Nu moet de ploeg de lijn van deze knappe prestatie doortrekken in Israël.

vrijdag 27 maart 2015

"De strijd is nog niet gestreden"

Moderne feministen brengen vrouwenrechten opnieuw onder de aandacht

Actrice Emma Watson: zo ziet een feministe eruit.

Celebrities als Lena Dunham, Emma Watson en Beyoncé Knowles spreken zich dagelijks uit voor gelijke rechten tussen man en vrouw. Op sociale media hebben it-girls uit het digitale tijdperk een grote invloed op de perceptie van het vrouwelijke geslacht. Maar er rijzen ook vragen. Is het feminisme terug van nooit helemaal weggeweest, of is het niet meer dan een oppervlakkige trend?

“Echte vrouwen zijn wijven, topwijven. Echte vrouwen hebben er schoon genoeg van.” Zo beëindigde Anke Wauters, een 25-jarige studente journalistiek uit Gent, op 26 februari op haar blog de post die “Dik. Lelijk. Wijf.” heette. Haar pleidooi voor meer zelfvertrouwen bij vrouwen met een maatje meer ging de weken daarna viraal: eerst werd het overgenomen door de website van Weekend Knack – waar het op het moment van schrijven meer dan 8000 keer werd gedeeld – en vervolgens haalde het artikel ook de weekendeditie van De Morgen.

‘Er bestaat niet zoiets
als 'slechte feministen'

In sommige media werd Wauters meteen tot de Vlaamse Lena Dunham gedoopt. Te uwer info: Lena Dunham is de bedenkster, regisseuse en hoofdrolspeelster van de Amerikaanse hitserie Girls, maar ze is ook veel meer dan dat. Haar atypische figuur en haar neiging om grenzen op te zoeken en taboes te doorbreken hebben haar verheven tot een rolmodel voor tienermeisjes, maar Dunham werd bijgevolg ook het onderwerp van uitgebreide artikels in Time en The Guardian. Ze is de voortrekster van een nieuw feminisme: een feminisme dat verspreid wordt via sociale media en niet langer gaat over stemrecht of genderquota, maar over seksualiteit en persoonlijkheid.

Rijke, blanke vrouwen

Het doet meteen vragen én kritiek rijzen. De Haïtiaans-Amerikaanse schrijfster Roxane Gay merkte onlangs fijntjes op dat de personages uit Girls rijke, blanke vrouwen uit New York zijn – niet meteen figuren die zich zorgen moeten maken over hun loonbriefje of hun gebrek aan kansen, zou je denken. Is feminisme een modetrend geworden, een nieuwe rubriek in bladen voor onzekere vrouwen?

“Zeker niet”, zegt Anke Wauters wanneer ik haar ontmoet bij een kop koffie in het Gentse Sint-Pietersstation. “Dat mijn artikel verscheen in de beauty-rubriek van het lifestyle-magazine van Knack, stoort mij absoluut niet. Het gaat ook over uiterlijk en over schoonheidsidealen. Veel beautymagazines zouden beter die serieux terug vinden.”

‘Het is niet omdat je
rijk en blank bent,
dat je niets te zeggen
hebt’

Een dag later treedt Jozefien Daelemans haar bij aan de telefoon. Nadat ze zich tien jaar geërgerd had aan de oppervlakkigheid van de meeste vrouwenbladen, startte ze in maart 2014 zelf het online vrouwenblad Charlie. “Het is gewoon beknellend om dagelijks met onmogelijke schoonheidsidealen geconfronteerd te worden,” vindt Daelemans. “En als je ziet hoeveel eetstoornissen er nog zijn… Die problematiek kan je niet onder tafel vegen.”

Dat succesvolle, blanke vrouwen als Dunham of actrice Emma Watson die problematiek bij een groot publiek brengen, hoeft geen probleem te zijn. “Het is een beetje ‘damned if you do, damned if you don’t’”, legt Daelemans uit. “Als ze zich er niet over zouden uitspreken, zouden ze óók kritiek krijgen. Maar die mensen hebben een heel groot bereik, en dat gebruiken ze voor de goede zaak. Het is niet omdat je rijk en blank bent, dat je niets te zeggen hebt. Emma Watson zou evengoed haar mond kunnen houden en een muurbloempje kunnen blijven. Maar nu brengt ze belangrijke thema’s bij een hele hoop jonge meisjes.”

Eline Van Hooydonck, een jongedame van 23 jaar die zich op haar Twitteraccount net als Wauters onomwonden “feministe” noemt, vecht met evenveel vuur voor dat soort thema’s: “Feminisme draait niet om één idee. Je hoeft het niet met alles eens te zijn, en je kan er je eigen ideeën op nahouden. Zolang je gendergelijkheid maar hoog in het vaandel draagt. Er bestaat niet zoiets als ‘slechte feministen’.”

Sociale media

Dat Wauters’ artikel verscheen op haar blog en dat je Charlie enkel online kan lezen, is geen toeval. Een extreme uitzondering als de radicale vrouwenbeweging Femen daargelaten, wordt de strijd over vrouwenrechten en gendergelijkheid niet langer met protestmarsen op straat, maar wel online en op de sociale media gevoerd. “Op een online medium kan je de mensen laten meepraten en kan je van onderuit een beweging creëren”, motiveert Daelemans haar keuze voor een online platform. “Mensen die iets onder de aandacht willen brengen, laten dat weten op een blog, op Facebook, of op Twitter.
Zo zetten ze iets in gang.”

De jonge feministen sluiten zich daar bij aan. “Ik denk dat Twitter een hele grote rol heeft gespeeld in de nieuwe opmars van het feminisme”, bedenkt Van Hooydonck zich. Het risico van vluchtigheid en oppervlakkigheid – hoe genuanceerd kan je zijn in 140 tekens? – moet je er dan maar bijnemen. “99 procent van onze tweets gaan misschien verloren, maar als je met die ene andere procent iemand kan overtuigen om op een link te klikken en die persoon aan het denken kan zetten, is het dat wel waard”, klinkt het bij Wauters.

Iedereen feminist?

Maar is het nog wel nodig om mensen te overtuigen? Is niet iedereen feminist tegenwoordig? Haast niemand beweert nog dat de plaats van de vrouw achter het aanrecht is. Zoals Yves Desmet, opiniërend hoofdredacteur van De Morgen, op Vrouwendag opmerkte in zijn column: “Tot voor heel kort had deze krant de traditie om ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag een duo vrouwelijke hoofdredacteurs een dag lang de krant te laten leiden. Dat hoeft gelukkig niet meer, gewoon omdat de krant vandaag iedere dag door twee vrouwelijke hoofdredacteurs geleid wordt.” (De Morgen, 07-03-2015).

‘Oogcontact op overvolle tram
Zijn hand glijdt ostentatief van 
boven naar beneden naar boven 
naar beneden over de stang’
In dezelfde editie van De Morgen liet mediawatcher Marc Didden zich echter laatdunkend uit over “Juffrouwen Truttenbol die zich erover beklaagden dat ze wel eens nagefloten worden door bronstige bouwvakkers die ook nog iets als "Ciao bella!" roepen. Hoe erg is dat, zeg?”

Een week later riep de blogster Yasmine Schillebeeckx vrouwen op om dergelijke ervaringen op Twitter te delen, vergezeld van de hashtag #wijoverdrijvenniet. Er kwamen veelzeggende tweets als “Aanschuiven op een overvolle Werchterweide: een man die in de andere richting aanschuift knijpt volhandig in mijn borsten ” (@yayzine) of “Oogcontact op overvolle tram. Zijn hand glijdt ostentatief van boven naar beneden naar boven naar beneden over de stang ” (@FakePlasticRuby). “De strijd is nog niet helemaal gestreden”, meent Wauters. “Ook anno 2015 is feminisme nog nodig. Dat besef komt er nu eindelijk.”

@Ewoud51

zaterdag 7 maart 2015

Honger naar meer - Review House of Cards


netflixseries.net


Een ijzersterk eerste seizoen opvolgen met een teleurstellende tweede reeks, maar dan keihard terugslaan in seizoen drie: het kan. The Wire deed het, Deadwood deed het, Twin Peaks gaat het binnenkort proberen. Nu is het de beurt aan House of Cards, de Netflix-serie over een meedogenloze politicus uit het Capitool en zijn onstilbare machtshonger.

Die meedogenloze politicus heet nog steeds Frank Underwood (Kevin Spacey) en heeft zich in de eerste twee seizoenen een weg naar het presidentschap van de Verenigde Staten geknokt. Geen dankbare positie: niet alleen voor Underwood zelf, die zich plots voortdurend in de mediaspotlights bevindt en zijn geliefkoosde machtsspelletjes niet meer in de coulissen van het politieke toneel kan spelen, maar ook voor de makers van House of Cards, die Underwoods steile klim naar de top hebben afgerond en zo de voornaamste verhaallijn van de serie hebben afgesloten.

Die vloek blijkt echter een zegen: Underwoods ambities waren sowieso al een beetje ondergesneeuwd in een tweede seizoen dat gebukt ging onder te groot opgezette intriges, ongeloofwaardige plottwists en een wirwar aan verhaallijnen – er was iets met een idealistische computerhacker en een paranoïde journalist, maar we zouden in hemelsnaam niet meer kunnen zeggen wát. Door de eerste aflevering van het fel gehypete derde seizoen waait echter een frisse wind. Underwood heeft geknokt voor zijn plaats aan de top, nu moet hij knokken om die plaats te behouden.

Daarvoor gebruikt hij nog altijd dezelfde technieken: manipuleer je medewerkers, onderdruk je concurrenten, zet je tegenstanders tegen elkaar op, gebruik de pers om je vijanden zwart te maken. Alleen liggen de kaarten niet meer zo eenvoudig: als president kan je je immers geen misstappen veroorloven. Underwood moet vanaf nu niet enkel rekening houden met de plannen van zijn tegenstrevers, maar ook met zijn tanende populariteit bij het volk. De president loopt voortdurend op zijn tenen – het is een ander soort spanning dan het achterbakse steekspel uit het eerste seizoen, maar House of Cards heeft wel zijn messcherpe intensiteit teruggevonden.

Minder thriller en meer drama dus, en persoonlijke strubbelingen komen meer op de voorgrond. Het mysterieuze huwelijksverbond tussen Underwood en zijn vrouw Claire (Robin Wright) lijkt eindelijk de uitdieping te krijgen waar we als sinds hoofdstuk één op zaten te wachten. Zo’n tragisch kantje was sinds de dood van Peter Russo in seizoen één broodnodig: House of Cards is een serie waarin elk personage zijn gevoelens inruilt voor geld of macht, maar een persoonlijke of emotionele insteek geeft wel wat ademruimte aan het soms verstikkende cynisme. De politiek kan mensen maken, maar ook kraken: het één houdt het ander in evenwicht, en dat waren de makers in de vorige jaargang even vergeten.

Anderzijds moet je creator Beau Willimon wel een fikse dosis lef nageven. Willimon is niet bang om een gitzwart beeld van de (Amerikaanse) politiek te schetsen, en daar zelden of nooit een streepje kleur aan toe te voegen. In House of Cards loopt werkelijk geen énkel sympathiek personage rond: Underwood is meer misantroop dan volksleider, zijn vrouw maakt van manipuleren een hobby en egoïsme is zowat de enige eigenschap die alle personages met elkaar delen. De sterkte van de serie ligt dan ook grotendeels in de beklijvende prestatie van Kevin Spacey, die erin slaagt medeleven op te wekken voor een scrupuleus personage. “You have to be a little human when you’re president”, mijmert hij, maar onder dat statement voel je de grenzeloze ambitie en onbevredigbare machtsgeilheid van Underwood sudderen. Die tegenstelling tussen schijn en werkelijkheid is nog steeds de grootste kwaliteit van House of Cards.

Natuurlijk heeft ook seizoen drie zijn manco’s. Die hacker loopt nog steeds de andere verhaallijnen voor de voeten, en we vrezen dat de subplot rond het persoonlijke drama van Underwoods voormalige rechterhand Doug Stamper (Michael Kelly) weinig meerwaarde gaat brengen. Maar die tekortkomingen wegen vooralsnog niet op tegen de kwaliteiten.

Frank Underwood is een man die gelooft in wraakacties, en na de zwakke tweede reeks slaat House of Cards net als zijn hoofdpersonage keihard terug in seizoen drie. We zijn inmiddels drie afleveringen ver, en we voelen ons net als de kersverse president: we krijgen waar we op hoopten, maar bovenal hebben we honger naar meer.

@Ewoud51


vrijdag 27 februari 2015

'Blinde mensen zijn heel filmisch'

Een gesprek met regisseur Eskil Vogt over zijn debuutfilm 'Blind'

Gedurende de hele maand maart geeft het OffScreen Film Festival in Brussel u de kans om fantastische films te ontdekken die in ons land geen brede release hebben gekregen. Een van die films is het zwartkomische drama Blind, de debuutfilm van de Noorse cineast Eskil Vogt. De Centrale voelde hem aan de tand over de internationaal gelauwerde prent. 'Blindheid is voor mij een symbool voor cinema geworden.'

Of ik een kopje koffie wil, vraagt een opgewekte Eskil Vogt vanuit z’n zetel in het Gentse hotel waar we elkaar ontmoeten. 'Bedien jezelf maar', lacht hij. De Noorse regisseur oogt ontspannen. Begrijpelijk ook: zijn debuutfilm Blind kaapte prijzen weg op prestigieuze filmfestivals in Sundance, Berlijn en Istanbul, en de critici zijn lovend. Ook wie de film enkele maanden terug op het Film Fest Gent te zien kreeg, was danig onder de indruk.


Wie Blind daar niet heeft gezien, heeft nu nog één kans om een vertoning op groot scherm mee te pikken. De film kreeg helaas geen publieke release in België, maar in het kader van het OffScreen Film Festival wordt de prent binnenkort alsnog vertoond in Cinema Nova in Brussel. De passage in onze hoofdstad is het einde van een lange tournee. 'Ik ben er een beetje van verschoten hoe lang het duurt om een film uit te brengen', geeft Vogt toe. 'Na de premières in Sundance en Berlijn in het voorjaar van 2014 blijven er maar festivals bijkomen. Wat geweldig is, want niet elke film wordt zo goed onthaald. Maar het neemt jammer genoeg wel tijd weg voor volgende projecten.'



OffScreen Film Festival 


Van 4 tot en met 27 maart kan de eigenzinnige liefhebber
in Brussel terecht voor de achtste editie van het OffScreen
Film Festival. Het programma biedt naar goede gewoonte
een uitgelezen selectie van de meest obscure cultfilms tot
nieuwe, onontdekte toppers die in ons land geen officiële
release krijgen.

In Cinematek, Cinema Rits, Cinema Nova en Bozar kan u
dus genieten van een aantal films die de erg specifieke
smaak van de organisatie verraden. In het Botanicals-
parcours, dat draait rond horrorfilms met een plantaardig
thema, worden geflipte cultklassiekers als Invasion of the Body
Snatchers (1956) en het Japanse Matango: Attack of the
Mushroom People (1963) vertoond.  Het Offscreenings-
parcoursbiedt dan weer een selectie recente arthouse-
parels als het Noorse Blind (2014) en het Zweedse A Pigeon
Sat on a Branch Reflecting on Existence (2014), dat onlangs
nog de Gouden Leeuw won op het Filmfestival van Venetië.

Het festival mag ook een speciale gast verwelkomen:
gerenommeerd horrorregisseur Tobe Hooper komt
een masterclass geven over zijn uiteenlopende
ervaringen met B-films enerzijds en het almachtige
studiosysteem van Hollywood anderzijds.
Vanzelfsprekend worden ook zijn beste en bekendste
films vertoond, met slasherfilm The Texas Chain Saw
Massacre (1974) als absoluut hoogtepunt.


Het heeft bovendien al erg lang geduurd vooraleer Vogt een eerste langspeelfilm kon maken: zijn eerste kortfilm is al meer dan vijftien jaar oud. Ondertussen heeft de Noor zich vooral toegelegd op scenario’s schrijven, onder andere voor de bejubelde film Oslo. 31 August (2011). 'Die film heeft behoorlijk wat succes gekend, wat heeft geholpen om eindelijk een eigen langspeelfilm gefinancierd te krijgen', legt Vogt uit. 'Voldoende geld vinden duurde zo lang, dat ik al bijna overwoog op te geven.'

Maar dat heeft hij dus niet gedaan, en gelukkig maar. Blind is een indrukwekkend debuut, waarin Vogt met veel gevoel voor humor het nochtans zwaarmoedige verhaal vertelt van Ingrid (Ellen Dorrit Petersen), een jonge schrijfster die haar zicht heeft verloren, en Einar (Marius Kolbenstvedt), een eenzame man op zoek naar genegenheid. De manier waarop Vogt erin slaagt om die twee verhalen naadloos samen te brengen, verraadt zijn ervaring als scenarist; de manier waarop hij erin slaagt om uit de aandoening van Ingrid een visueel indrukwekkende film te putten, verraadt dan weer zijn talent als regisseur.

De essentie van cinema
Cinema is een erg visueel medium, maar blindheid is een van de centrale thema’s in uw film.
ESKIL VOGT: 'Ik had een boek gelezen waarin een blind personage voorkwam, dat ik eindeloos fascinerend vond. Tegelijk dacht ik echter: dit is geen cinema, dit kan je niet doen als je een film maakt. Blindheid voorstellen, dat is een zwart scherm, met enkel geluid. Het zou een goedkope film zijn, maar niet iets dat ook maar iemand zou willen zien (lacht).'

'Blindheid is voor mij
een symbool
voor cinema geworden.'
Wat heeft u over de streep getrokken om toch op dat thema verder te borduren?
'Ik ontdekte dat er een belangrijk verschil bestaat tussen iemand die blind is geboren, en iemand die zijn of haar zicht heeft verloren. Die eerste beschikt over geen enkel visueel concept, terwijl die tweede, hoewel het vermogen om te zien verloren is, zich wel nog dingen  kan voorstellen. Dat vond ik net heel filmisch: wanneer iemand die zijn gezichtsvermogen verloren heeft, iets hoort, zal hij of zij proberen om zich daarbij iets voor te stellen. Dat beeld zal veranderen als iemand hints geeft over wat men zich probeert te verbeelden. Het is net als in de bioscoop: je zit in de duisternis, en je ziet beelden voorbij flitsen. Blindheid is voor mij een symbool voor cinema geworden.'

In het begin van de film zegt het hoofdpersonage 'Het is niet belangrijk wat echt is en wat niet, zolang ik het mij maar kan voorstellen.' Is dat voor u een metafoor voor cinema?
'Dat denk ik wel, ja. Wanneer je een film over blindheid maakt, denk je daar veel over na: je stelt jezelf essentiële vragen over film als medium. Cinema wordt vaak beschreven als een erg realistisch medium. Je zet je camera ergens, en je filmt wat daar is. Dat documentaire vermogen is een deel van de kracht van film. Maar wij ervaren de wereld dan ook als één voortdurende take. Er is geen montage, er zijn geen cuts in de manier waarop wij de wereld rondom ons waarnemen. Voor mij is de cut net de essentie van cinema: twee beelden aan elkaar plakken en zo een idee of emotie creëren, dat is het belangrijkste instrument dat filmmakers hebben. Want dat is iets wat we niet hebben in onze perceptie van de wereld, maar wel in onze gedachten en onze dromen. Het citaat dat je aanhaalt, gaat ook daarover.'

Ingrid, het hoofdpersonage van Blind, laat zich niet enkel typeren door haar blindheid, maar ook door haar artistieke creativiteit. Zijn die twee met elkaar verbonden?
'Ik denk dat ze al erg creatief was voor ze blind werd, maar nadat ze haar gezichtsvermogen heeft verloren, heeft ze veel meer tijd en trekt ze zich meer terug in haar creativiteit. Ik denk niet dat mensen veranderen en nieuwe vermogens ontwikkelen wanneer ze blind worden. De mythe dat ze een 'supergehoor' krijgen, is niet waar: ze leren gewoon meer op hun gehoor te vertrouwen. Ingrid, het hoofdpersonage, is iemand die nu gewoonweg meer tijd heeft om te ontsnappen in de verbeelding die ze altijd heeft gehad.'

Blind acteren
Ellen Dorrit Petersen speelt het blinde hoofdpersonage in de film. Hoe heeft ze zich op die rol voorbereid?
'Ik heb Ellen voorgesteld aan een blinde vrouw die ik leerde kennen tijdens mijn research voor de film. Zij had haar zicht verloren toen ze twintig-vijfentwintig jaar was, net zoals het hoofdpersonage. Ellen heeft ook met een visual therapist gewerkt. Deze helpt blind geworden mensen om terug hun weg te vinden in het dagelijkse leven. Hij raadde haar aan om zichzelf te blinddoeken en gaf haar dan een training. Maanden heeft ze zo geleerd wat het is blind te zijn, leerde ze hoe een blinde vrouw beweegt. Dat is wat haar prestatie zo goed maakt.'

In andere films komen blinde personages nogal vaak als een karikatuur over, die eindeloos in de verte staren en tegen alles aanlopen.
(knikt) 'Ja, inderdaad, dat heb ik ook gemerkt. Veel heeft te maken met of je al dan niet blind bent geboren. Als dat zo is, zie je er heel blind uit. Je ogen volgen geen geluid, als ze geconcentreerd luisteren, draaien ze hun oor naar je toe. Ze reageren enkel op geluid. Wat de acteur Al Pacino doet in Scent of a Woman sluit daar bij aan, maar het klopt eigenlijk niet, want hij speelt een personage dat blind is geworden. Hij kijkt gewoon in de leegte, om de indruk van een blinde te wekken. Wij wilden iets doen dat meer aansloot bij de blinde mensen die we hebben ontmoet: hun ogen bewegen wél nog heel de tijd, en eigenlijk zien ze er niet zo blind uit. We wilden dat het echt overtuigend werd, maar ook erg waarheidsgetrouw.' 

Waarop moet een acteur dan letten?
'Aanvankelijk denk je dat het allemaal met je ogen en je gezichtsuitdrukking te maken heeft, maar eigenlijk zit de essentie in de lichaamstaal. Ingrid beweegt altijd een beetje onzeker, ze voelt of er iets is alvorens ze haar glas neerzet. Het was belangrijk dat ze niet overal tegenaan liep, want ook al is haar personage blind, ze ként haar appartement. In haar lichaamstaal zie je de blindheid. Ellen heeft dat geweldig gedaan, wat mij betreft.'

Bekijken en bekeken worden

'Iedereen wil graag
'visueel' erkend worden,
verlangt ernaar
bekeken te worden
door geliefden.'

Nog iets dat opvalt aan Ingrid: hoewel ze blind is, voelt ze zich vaak bekeken, of wil ze zich vaak bekeken voelen.
'Het is iets heel menselijks om bekeken te willen worden. De eerste vraag die vrouwen stellen als ze blind zijn geworden is: 'Hoe doe ik nu mijn make-up op?'. Ze gaan niet stoppen met zich op te maken omdat ze blind zijn, ook al kunnen ze niet meer in een spiegel kijken. Iedereen wil graag 'visueel' erkend worden, verlangt ernaar bekeken te worden door geliefden. Een blinde persoon die dat voelt, maakt je daar heel bewust van. Dat vond ik een erg interessante gedachte.'

Een van de andere personages, Einar, is dan weer een echte voyeur. Hij kijkt porno op het internet, bespioneert zijn overbuurvrouw door het venster,… Ben je vanaf het begin op zoek gegaan naar die balans tussen blindheid en voyeurisme?
'Ik wilde graag met beide uitersten spelen en de verschillende personages aan elkaar spiegelen. Einar wordt geïntroduceerd aan de hand van de porno die hij kijkt. Porno is de ultieme vorm van de male gaze: het is gemaakt voor mannen, en het draait om mannen die naar vrouwen kijken. Terwijl ik het scenario schreef, realiseerde ik me dat pornografie zo het tegengestelde is van blindheid.'

Hoe bedoelt u dat?
'Pornografie draait om zien, zonder de mogelijkheid om wat je ziet ook effectief aan te raken. Het werd allemaal deel van hetzelfde thema: kijken zonder aan te raken, het verlangen om bekeken te worden. Die tegenstelling tussen blindheid en pornografie vond ik erg interessant. Het illustreert hoe visueel onze wereld is geworden en hoe belangrijk visuele input is.' 

Geen compromissen
Tijdens de première
op het Sundance Film Festival
werd er zo veel gelachen,
dat ik voortdurend rondkeek
en me afvroeg:
'Wie heeft deze mensen
betaald om zo te reageren?'
Al die paradoxen maken het erg moeilijk om het genre en de stijl van Blind te omschrijven.
'Dat is waar. In de Verenigde Staten ziet men de film als een zwarte komedie, maar dat is nooit echt m’n bedoeling geweest (lacht). Ik wilde graag een aantal komische elementen in mijn film, maar ik had nooit gedacht dat ik echt een komedie had gemaakt. Maar tijdens de première op het Amerikaanse Sundance Film Festival werd er zo veel gelachen, dat ik voortdurend rondkeek en me afvroeg: 'Wie heeft deze mensen betaald om zo te reageren?' Later toonden we de film op het Filmfestival van Berlijn en daar werd er toch een stuk minder gegrinnikt. De toon was veel serieuzer. Het is alsof je film verandert met het publiek.'

Op die filmfestivals werd Blind erg goed ontvangen. Had u al die lof verwacht toen u aan de film begon?
'Wanneer je aan een film begint, probeer je niet aan de release te denken. Ik probeerde te focussen op de film die ik graag zou willen zien en ervaren. Ik wilde vooral een erg persoonlijk werk maken en geen compromissen sluiten. Wanneer je je film hebt afgewerkt, hoop je echter dat het publiek hem kan smaken. Ik wist niet wat te verwachten op Sundance, omdat het zo’n Amerikaans festival is. Je kan niet voorspellen of anderstalige prenten überhaupt gaan opgemerkt worden. Maar Blind was een van de hypes van het filmfestival, er werd overal over gepraat. Dat is geweldig.'

Op het Sundance Film Festival ging u zelfs aan de haal met de prijs voor het Beste Scenario. U heeft al heel wat ervaring op dat gebied, en bovendien zit er ook een zeker literair element in de film - het hoofdpersonage schrijft zelf ook. Past het schrijven van een roman binnen uw ambities?
'Ik heb te veel respect voor literatuur om dat te doen, denk ik. Cinema is een beetje mijn eerste taal. Ik ben er al mee bezig van toen ik nog erg klein was en alle ideeën die ik heb, hebben met film of met beelden te maken. Literatuur kan ik niet vanop dezelfde manier benaderen, ik sta te veel buiten dat medium. Ik denk niet dat dus ik ooit een boek zal schrijven… (aarzelt) Wie weet. Misschien, ooit. Eerst wil ik nog een film regisseren. Ik denk dat het nu ook iets gemakkelijker wordt om geld te vinden voor een volgende film. De eerste is de moeilijkste, maar ik ben er wel erg trots op.'
Blind speelt in Cinema Nova te Brussel op 15 maart. Meer info op www.offscreen.be.